Waarom ik een negatief beeld had van Ubud
Tijdens mijn verblijf op Bali ben ik niet naar de meest toeristische plekken gegaan, gewoon omdat ik daar geen zin in had. Ik wilde wel wat meer het ‘echte’ Bali ervaren, met natuur en niet teveel verwesterde plekken. Over Ubud hoorde ik zóveel negatieve verhalen, dat ik er eerst ook niet echt heen hoefde. Ik hoorde dat het veel te druk zou zijn, dat het verkeer rampzalig is, dat het er helemaal niet leuk is omdat alles supertoeristisch is en dat het eigenlijk gewoon vreselijk is.
Kijk, Ubud is natuurlijk totaal verwesterd en het stikt er van de toeristische/westerse restaurantjes en winkeltjes, en het is niet alsof je hier het ‘authentieke Bali’ gaat ontdekken, zeker niet in het centrum. Dát had ik verwacht en dat was ook zo, maar ik vond het óók heel erg leuk. Echt overal zijn leuke plekjes om heen te gaan, mooie winkeltjes, gezellige restaurantjes. Het is totaal anders dan de andere plekken op Bali waar ik ben geweest (Tejakula, Amed en Sidemen) en juist daarom vond ik het denk ik ook hartstikke tof om hier ook even te zijn.
Ja, het verkeer is een ramp (het staat overal vast) en als het even niet hoeft pak je geen taxi (je doet 30 minuten over 2 kilometer) maar stap je achterop een scooter met Gojek of Grab, of je wandelt. En ja, het is er druk. En ja, dat vond ik voor de vier dagen dat we hier waren hartstikke leuk! Ik zou hier zeker niet mijn hele vakantie verblijven, en ik vond drie nachten lang genoeg, dus voor een paar dagen: heerlijk. En: je hoeft natuurlijk niet in het centrum van Ubud te zitten, je kan er ook net wat buiten zitten en wel die ‘natuur vibe’ meekrijgen van de rijstvelden, en toch dichtbij de levendigheid zijn.
Onze eerste twee nachten in Ubud
Wij kwamen rechtstreeks vanaf het retreatcenter waar ik de yoga-opleiding volgde naar Ubud, wat ongeveer 3 uur rijden was. Het duurde in ons geval nog wat langer omdat we in een verkeersongeluk belandden met het busje waar we in zaten. Dat was vreselijk schrikken en echt niet oké, maar gelukkig was iedereen fysiek in orde en konden we met taxi’s onze reis voortzetten.
Dus we kwamen nog een beetje shook aan in Ubud, en we besloten meteen op pad te gaan na het inchecken in ons hotel. Ik boekte Chakra Living Hotel, middenin het centrum. Expres, want ik had zin om alles lekker te voet te doen na 3,5 week heel geïsoleerd te hebben gezeten. We waren blij verrast door het hotel en onze kamer. Na onze spullen gedropt te hebben, wandelden we direct naar Plant Bistro, ongeveer tien minuten lopen vanaf ons hotel. We waren meteen onder de indruk van Ubud en hoe het er daar uitzag. Alsof we in een pretpark liepen, op een positieve manier. Overal groen, stroomkabels, tempels, offermandjes, scooters die heen en weer zoeven, mooie winkeltjes en zaakjes en ik vond het schoon en sprookjesachtig. Aangekomen bij Plant vielen we in de volgende verbazing – wat een ontzéttend mooie zaak!
We wandelen naar Plant en zien meteen prachtige tempels.
Oké er is veel verkeer en file, maar dit ziet er toch ook gewoon supermooi uit met al dat groen?
Onderweg naar Plant Bistro
Plant Bistro
Alles is hier plantaardig en het smaakt allemaal fantastisch. Dat oranje is dus geen zalm maar wortel, en de spicy tuna sushi is ook plantaardig. En het is zó goed.
Met Hannah en Rubeen.
De rest van onze dagen in Ubud spenderen we door lekker rond te wandelen en te eten en drinken. Een fotoverslag hierna:
Eten & drinken
Onze eerste avond eten we bij Warung Makan Bu Rus waar we Soto Ajam en Satay eten.
En dat is HEEL lekker.
De dag erna brunchen we met Rubeen en Niko na een yogales bij Murdra, waar ik deze waanzinnige matcha pancakes eet.
Cute, dit in het toilet.
Een taro matcha latte bij Watercress. Het menu voor eten ziet er hier ook te gek uit!
Met Hannah en David van de yoga-opleiding die we random tegenkomen in Ubud.
Samen eten we bij Taco Cartel, een heel klein taco restaurantje waar de taco’s echt héél goed zijn.
’s Avonds Japans bij Ikigai, waar Willem voor een ramen gaat.
Ik ga voor sushi en die smaakt erg goed.
En deze wafel met matcha-ijs als toetje.
Dit vind ik leuk, even de lokale markt checken.
Overal mooi fruit.
Ontbijten bij ons hotel.
Omgeving, straatjes, leuke dingen doen
Yogakleding shoppen bij Indigo Luna.
Overal, echt óveral hondjes.
Yoda bij de Yoga Barn.
We gaan voor een yogales even naar de Yoga Barn, een enórme yogaschool in Ubud. Mega toeristisch, maar wel echt leuk om te zien en mee te maken, het is er prachtig.
De zaal waar we les hebben.
Ik HOUD van deze vibe.
Leuke winkeltjes overal, zowel lokale zaakjes als meer toeristische dingen.
Tempels, heel veel tempels. Ze zijn hier in Ubud wel ook wat ’toeristischer’ dan op andere plekken waar ik op Bali ben geweest, met shows en tickets en ‘activiteiten’ waarvoor je moet betalen.
Ubud deel 2: Shelter Island & Room4Dessert
Na onze twee nachten in het centrum, gaan we voor nog één nacht iets meer buiten het centrum naar Shelter Island en Room4Dessert! Een etentje bij dit bijzondere restaurant staat al zo’n 10 jaar op mijn lijstje – toen ik hoorde dat er een restaurant was op Bali met alleen desserts, sloeg ik dat meteen op op Google Maps. Nu was het zover, we waren op Bali, dus ik móest daarheen. Ik boekte een etentje inclusief overnachting en ontbijt bij hun hotel en dat was een hele goede keuze.
Kerstbomen van Balineze bloemen, zo schattig!
Tekenen aan het zwembad
Het hotel is prachtig, de kamers zijn ruim en luxe en het zwembad en de tuin is echt een plaatje. En het zit heel vlakbij het restaurant, dus dat is lekker praktisch.
In de avond hadden we dus ons diner bij Room4Dessert. Het is een restaurant op hoog niveau, de chef, Will Goldfarb, heeft bij El Bulli gewerkt (dat meerdere keren werd uitgeroepen tot het beste restaurant ter wereld) en doet hier iets bijzonders, want hij serveert 15-gangen-diners met alleen desserts. Of nou ja, alleen… de eerste paar gangen zijn hartige hapjes, dat moet ik er wel even bijzeggen. Maar daarna zijn het desserts, die variëren in zoetheid. Het is een hele beleving, want je zit als gast in drie verschillende ruimtes (elke vijf gangen ergens anders) en wij zaten aan de bar en zagen dus alles voor onze neus gemaakt worden. Ik vond het he-le-maal geweldig.
Er volgt nog een aparte blog over onze beleving bij Room4Dessert!
Powder Room en laatste uren in Ubud
Na een nacht heerlijk slapen bij Shelter Island gingen we ontbijten bij the Powder Room.
Kijk wat een pláátje dit is!
Deze croissant met frangipane en cashew was echt out of this world.
BLIJ
Na ons ontbijt kregen we nog een rondleiding door de food forest van Room4Dessert, wat ik heel leuk vond om te zien. Daarna nog even rondwandelen, een laatste lunch bij Dharma en daarna vertrokken we naar Sidemen.
Kijken bij de droogkast in de tuin.
Ik vind dit soort tankstationnetjes zo cute, je ziet ze overal langs de weg.
Lunchen bij Dharma.
En nog een laatste lekkernij van The Powder Room, deze sourdough soft serve, oeffff.
Laatste bezoekje aan Ubud: Syrco BASE
Maar we waren nog niet klaar met Ubud! Tijdens ons verblijf in Sidemen zijn we op tweede kerstdag een keer heen en weer gegaan naar Ubud voor een lunch bij Syrco BASE. Syrco Bakker is een Nederlandse chef die hier twee sterren had bij restaurant Pure C, en hij vertrok een paar jaar geleden naar Bali. Het leek me wel heel erg leuk om hier te gaan eten en dat hebben we dus gedaan!
Hoi!
BASE is een megamooie zaak en het eten is van een heel hoog niveau en ook heel creatief, een mooie mix van lokale Balinese producten en ingrediënten met meer Westerse invloeden. En veel vis en schaal- en schelpdieren. Te gekke cocktails en mocktails ook, alles wordt met veel aandacht gedaan en dat merk je in alles.
Het lijkt nu net alsof we op Bali alleen maar fine dining gedaan hebben, dat is niet zo hoor, dit zijn maar vier dagen van de in totaal 35 dagen dat ik op het eiland was. Maar in Ubud hebben we zeker de wat meer Westerse diner-ervaringen gedaan en dat vonden we ontzettend leuk!
We vonden Ubud heerlijk. Het is een plek waar ik zeker een volgende bezoek aan Bali weer heen zou gaan. Ik houd van het bruisende, er is zóveel te doen en te zien op een klein oppervlak, daar heb ik echt van genoten. Maar dat kwam ook zeker doordat ik hiervoor al 3,5 week in de jungle had gezeten en hierna ook weer de natuur in ging. De afwisseling met een beetje drukte vond ik geweldig!
In mijn volgende Bali-blog neem ik je mee naar Sidemen, onze laatste stop tussen de rijstvelden en aan een rivier.